|
Op 30 september 2006 speelde Doucemé onder meer het nummer Droomland op het Festival van het Nederlandse Lied in Muziekcentrum Vredenburg. Zie www.grachtensmart.nl, en klik door naar 'Activiteiten'. Het was aanleiding om de historie van het lied na te gaan:
DROOMLAND
Jessie Brown werd op 31 augustus 1861 geboren Hiram, Ohio. Ze had als kind een zwakke gezondheid en kreeg thuis haar opleiding. Vanaf haar 15e jaar begon ze artikelen te schrijven met een sterk christelijke teneur. Ook schreef ze gedichten, en een uitgever maakte haar er op attent dat deze zeer geschikt zouden kunnen zijn als liedteksten. Vanaf dat moment begint haar rijke productie: 400 liedteksten, 50 libretto's voor cantates en 9 boeken verschijnen er van haar hand.
Eind 1896 trouwt ze met John Pounds, een dominee van de Central Christian Church in Indianapolis (Indiana). Ze is dan dus al 35 jaar, en heeft al een behoorlijke productie als christelijk schrijfster op haar naam staan. Een paar weken na haar huwelijk voelt Jessie zich op een zondagochtend niet erg lekker. Ze besluiten dat Jessie thuis zal blijven van de kerk, maar haar tijd nuttig zal besteden. Ze gaat 'mediteren' over het vooruitzicht van het leven in het hiernamaals, en schrijft die ochtend de tekst 'Beautifull Isle of Somewhere'. Jessie levert dan al regelmatig teksten af bij componisten, en deze tekst gaat naar John Fearis.
John Sylvester Fearis is op 5 februari 1867 geboren Richland, Iowa. zijn vader was schilder van beroep, maar gaf ook les op een muziekschool. John bleek het muzikale talent van zijn vader te hebben geërfd. Op een gegeven moment is hij redacteur van Choir Leader, dat uitgegeven wordt vanuit Dayton, Ohio.
Het beeld dat ontstaat, is van een 'groep' gelijkgestemde mensen die in het midden van de VS teksten en muziek uitgeven. Binnen die structuur is de tekst van Jessie naar John gegaan. In die periode was William McKinley president van de VS. Ohio was ook de thuisbasis van McKinley, en daar heeft hij in de kerk een keer het lied Beautifull Isle of Somewhere gehoord. Hij werd er door gegrepen, en verklaarde dat het zijn favoriete lied was. In 1901 werd McKinley door een geestelijk zwakbegaafde man vermoord. Tijdens de begrafenis is het favoriete lied van McKinley uitgevoerd door het Euterpean Quartette. Naar aanleiding van deze uitvoering is er door uitgeverij Forster in Chicago een luxe uitvoering van de bladmuziek uitgegeven, die voor 60 ct te koop werd aangeboden.
Na 1901 nemen diverse artiesten het lied in hun repertoire op. Eén van hen was Richard Crooks, geboren op 26 juni 1900 in Trenton, New Jersey. Al als tienjarig jongetje trad hij al op als jongenssopraan voor een 10.000 koppig publiek. Nadat hij de baard in de keel kreeg, bleek hij tenor. Vanaf zijn 14e kon hij al als zanger in zijn eigen levensonderhoud voorzien. Zijn carrière werd onderbroken toen de VS zich in 1917 in de eerste wereldoorlog mengde. De jonge Richard nam dienst bij de luchtmacht, en werd ingezet in Frankrijk. Na terugkomst in de VS zette hij zijn zangcarrière weer voort. Hij bleek een knappe, charmante jongeman met een goede stem, waarmee hij menig (vrouwen)hart veroverde.
In 1925 trok Richard Crooks weer naar Europa, ditmaal niet om te vechten, maar om op te treden. Zijn optredens in Berlijn waren het meest belangwekkend, maar hij heeft ook in Nederland opgetreden. Ongetwijfeld heeft hij toen ook Beautifull Isle of Somewhere gezongen. Ook in Nederland sloeg dit lied aan. De uitgeverij Poeltuyn uit Amsterdam (thans gevestigd te Hillegom) besloot het lied op bladmuziek uit te geven. Er werd een Nederlandse tekst gemaakt, waarbij het religieuze, hemelse Somewhere veranderd werd in een meer abstract, werelds Droomland. De tekst werd op naam gezet van Johnny Ditch, maar dat is een werknaam voor een constructie waarbij de auteur alle rechten aan de betreffende uitgever heeft overgedragen. Wie de werkelijke auteur van de Nederlandse hertaling is, blijft mij vooralsnog onbekend.
Nadat het nummer in de catalogus van Poeltuyn was opgenomen, en voor 25 ct. te koop was, werd het onderdeel van het repertoire van diverse artiesten. De eerste mij bekende opname is van Willy Derby uit 1934. Of Derby de originele uitvoeringen kent, weet ik niet, maar wat aan deze opname vooral opvalt, is het belachelijke hoge tempo waarmee Derby door het nummer racet. In 1940 zette draaiorgel De Negentiger het op plaat, en in 1950 namen Willy Alberti en Ans Heidendaal het op, in 1952 waagde kunstfluiter Jan Tromp zich aan het nummer. Het was het favoriete nummer van Rinus Michels, die het ook nog vrij goed scheen te kunnen zingen. Ikzelf leerde het lied eind jaren zestig kennen toen Heintje het op single uitbracht. Onvergetelijk is ook de kabouter-uitvoering van André Hazes en Paul de Leeuw. André was een hele uitzending voor dood als tuinkabouter in een kruiwagen in het decor geplaatst, moest wachten tot de finale, en nadat Paul het eerste couplet gezongen had, rees hij uit de kruiwagen op om het tweede couplet en de samenzang bij het refrein te verzorgen.
Hoe het verder ging?
Jessie Brown Pound overleed op 3 maart 1921 in haar geboorteplaats Hiram, Ohio. Ze schreef tot in de twintigste eeuw hoog-christelijke teksten.
John Sylvester Fearis schreef nog wel een paar melodieën, maar brak niet echt door.
Richard Crooks kreeg rond 1945 last van keel en middenrif, waardoor hij zijn zangcarrière moest beëindigen. In privé sfeer zijn er in 1968 nog opnamen van hem gemaakt, die aantonen dat hij de zangkunst nog niet verleerd was. Hij overleed in 1972.
Droomland wordt nog altijd gezongen en gedraaid.
Harry Boukes
30 augustus 2006.
Met dank aan:Jacques Klöters van De Sandwich en 'Wil', die mij via het gastenboek van dit programma op een aantal goede sporen zette.
De websites:
www.desandwich.nl
www.maurice-abravanel.com
www.cyberhymnal.org
|